|
Rondleiding over de begraafplaats van Rozendaal
Woensdag 15
oktober leidde Sjef Hendrikx op deskundige wijze de
gidsen van de wandeling door de acht dorpen rond over de
begraafplaats van Rozendaal.

Vanouds werden de bewoners van het kasteel en de
heerlijkheid Rozendaal begraven in en rond het kerkje de
“Oude Jan” in Velp. Zo bevond zich onder het ( in 1841
afgebroken en na de 2e Wereldoorlog in 1949 weer
gerestaureerde) priesterkoor een grafkelder van het
geslacht Van Arnhem, terwijl het gewone volk op het
kerkhofje zijn laatste rustplaats vond.
Het geslacht Torck, dat sinds 1721 het kasteel bewoonde
werd daarentegen als vanouds bijgezet in een grafkelder
te Wageningen. Wel een eindje weg, maar hun bezittingen
liepen dan ook van Rozendaal tot Wageningen. Aanleiding
om hier tegen 1840 verandering in te brengen zou de
vroege dood geweest kunnen zijn van een of meer kinderen
van de toenmalige kasteelbewoners, het echtpaar
Torck-Huyssen van Kattendijke. Dit droeg waarschijnlijk
bij tot het besluit een grafkelder te bouwen met het
opschrift “Kasteel Rozendaal” in het bos ten
noordwesten van het kasteel, vermoedelijk naar een
ontwerp van de architekt J.D. Zocher Jr.
Rond
de grafkelder liet de baron een stuk grond omsluiten en
omheinen, zodat hier in het vervolg ook de overige
Rozendalers konden worden begraven. Dit is nu het oudste
gedeelte; links voorin de huidige begraafplaats. Het
aanvankelijke bezwaar van de Rozendalers, om zomaar in
het “Boers buschke” te worden begraven, begon te
veranderen met de begrafenis va n
de baron en barones in respectievelijk 1842 en 1843 in
dezelfde grafkelders. Later bleken ook voorname
geslachten belangstelling te tonen voor deze laatste
rustplaats. Zo zijn er de grafkelders van de geslachten
Huyssen van Kattendijke en Luden.
De meest spectaculaire objecten van de begraafplaats
zijn bijvoorbeeld het graf van De Genestet die gestorven
is in 1861, het graf van de predikant-dichter Bernhard
Ter Haar die in 1880 vlak bij de Genestet ter ruste werd
gelegd in een graf dat in 1892, op initiatief van
vrienden en vereerders werd voorzien van een fraai
gedenkteken. Andere prominenten zijn o.a. de literator
W.J. Hofdijk en de componist en dirigent L.F. Brandts
Buys. Verder de heer Wurfbain van de Gelderse Toren en
zijn vader de heer Wurfbain van Heuven. Helemaal
achterin het oude gedeelte van de begraafplaats liggen
de graven van de familie van Pallandt.
Wat ook opvalt zijn de naamloze graven van verscheidene
Rozendalers en oudgedienden van het kasteel. Hun naam
deed er kennelijk niet toe.
Reeds in 1866 moest de begraafplaats worden uitgebreid.
Kort na 1900 gebeurde dat nog eens, waarbij een kleine
aula tot stand kwam en in 1933 werd het complex nog eens
aanzienlijk vergroot. Een fraaie beukenlaan scheidt nu
vanaf de huidige hoofdentree het oudste en twee nieuwere
delen, welke laatste op hun beurt ook weer door een laan
zijn gescheiden. Inmiddels was in 1869 bij de wet
bepaald dat iedere gemeente in Nederland moest
beschikken over een openbaar kerkhof. In verband hiermee
heeft de gemeente Rozendaal in 1872 een aparte, kleine
begraafplaats met een lijkenhuisje laten aanleggen op
enige afstand van de toen reeds bestaande begraafplaats
aan de achterzijde In 1978 is de begraafplaats, eigendom
van de familie Van Pallandt, door een legaat van de in
1977 overleden laatste baron, overgedragen aan de
gemeente Rozendaal. Het werd daarmee een gewone
gemeentelijke begraafplaats, hoewel inmiddels het oudste
gedeelte van vóór 1933, de status van Rijksmonument
heeft gekregen.

Door de baron is bepaald, dat de graven nooit geruimd
mogen worden: eeuwige rust zou hun deel zijn. Om
ongebreidelde groei te voorkomen is toen door het
gemeentebestuur bepaald, dat alleen diegenen die
tenminste 15 jaar lang ingeschreven zijn geweest in de
gemeente Rozendaal in aanmerking kunnen komen voor een
graf van twee personen. Sinds kort komen ook anderen in
aanmerking voor een graf, maar dat mag na verloop van
tijd dan wel geruimd worden. Mede om die reden is de
begraafplaats in 2004 aanzienlijk uitgebreid en omgeven
door een nieuw, metalen hekwerk.
Hans Rijnbende
Bron: J.A. Hendrikx
Foto’s: Hans Rijnbende
|
|